Samenvatting

Samenvatting

Samenvatting trendrapportage Mobiliteit, transport, logistiek en maritiem

In dit deel van het rapport leest u de samenvatting van de ontwikkelingen en trends die aan bod komen in het rapport.

Samenvatting DESTEP ontwikkelingen:

Demografische ontwikkelingen

De toenemende vergrijzing is een belangrijke factor in de verwachte krapte op de arbeidsmarkt in de sector transport- en logistiek en de carrosseriebranche. Ook verschillende  maritieme sectoren signaleren de vergrijzing. Zo bestaan er bijvoorbeeld zorgen over de continuïteit van, voor de sector belangrijke, familiebedrijven in de visserij, jachtbouw en watersportindustrie. Het is niet meer vanzelfsprekend dat de volgende generatie voor opvolging in het familiebedrijf zorgt. Ook andere sectoren als de binnenvaart, offshore en havensector zien vergrijzing als groot probleem. Een ander knelpunt is dat werkenden uit een andere maritieme branche eerst een opleiding moeten volgen voordat ze de binnenvaart in mogen. In de mobiliteit branche is nog geen sprake van een grijze golf. De gemiddelde leeftijd van werknemers loopt wel op, maar de branche kent relatief veel instroom van jongeren.

Economische ontwikkelingen

De carrosseriebranche profiteert van de bloeiende economische omstandigheden. Het aantal bedrijven stijgt en ook de omvang van de spelers in de branche neemt toe. Binnen de mobiliteit heeft de nieuwverkoop van personenauto’s zich hersteld na het dieptepunt in 2016, maar de marges zijn onder druk komen te staan. Dit wordt mede veroorzaakt door de groeiende populariteit van private lease. De automarkt raakt verzadigd, nieuwe auto’s gaan langer mee en ze zijn onderhoudsarmer waardoor vervanging wordt uitgesteld. Voor de tweewielerbranche geldt dat het aandeel elektrische fietsen verder stijgt. De vooruitzichten voor het vervoer over water zijn met de sterker groeiende wereldhandel en de goed presterende Europese economie verbeterd. Voor de beroepen in transport en logistieke beroepen is er in het vierde kwartaal van 2018 sprake van een krappe arbeidsmarkt. Zowel in het goederenvervoer als in de logistieke dienstverlening is sprake van aanhoudende omzetgroei.

Sociaal-culturele ontwikkelingen

Opgedane kennis en vaardigheden raken door de technologische innovaties sneller verouderd. In de mobiliteit en maritieme branches is er vraag naar hoger opgeleid personeel.  Met name universele autobedrijven hebben moeite voldoende goede monteurs te vinden en te behouden. In de transport en logistiek worden digitale vaardigheden belangrijker. Voor chauffeurs is de verwachting dat de controles door technologische innovaties gaan toenemen.

Technologische ontwikkelingen

Dat ontwikkelingen als digitalisering, connectiviteit, big data, elektrificatie, autonoom rijden en sharing hun impact gaan hebben, wordt binnen de mobiliteit breed gedragen. Interessante ontwikkelingen voor het beroepsgoederenvervoer zijn met name de ontwikkelingen rond automatisch rijdende vrachtauto’s en platooning. Binnen maritiem wordt ingezet op het autonoom varen met als doelen een effectiever gebruik van de infrastructuur, een hogere veiligheid, een vermindering van brandstofverbruik/uitstoot en een verlaging van de (bemannings) kosten. Nieuwe digitale mogelijkheden in de transport en logistiek zijn de digitale vrachtbrief en 3D printing. Het aandeel van 3D geprinte goederen is nog klein, maar de investeringen in 3D printers stijgen de laatste jaren erg snel en kan een groot effect gaan hebben op de logistieke markt. Ook Blockchain wint verder aan terrein.

Ecologische ontwikkelingen

TLN (Transport Logistiek Nederland) heeft de ambitie om een halvering van CO2 uitstoot van het wegvervoer te bewerkstelligen in 2030 en zet in op de drie speerpunten: zero emission per 2025 in de binnensteden, low emission in het buitengebied en high efficiencyverhogen van de efficiëntie in logistieke ketens. In 2030 zal veel meer gebruik worden gemaakt van alternatieve en schonere brandstoffen. Op de klimaattop van de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) is afgesproken dat de CO2- uitstoot van schepen in 2050 gehalveerd zal zijn ten opzichte van 2008. Ook de Nederlandse binnenvaartsector heeft afspraken gemaakt om de binnenvaartschepen te verduurzamen. De ambitie is om in 2050 energieneutraal te zijn. Een coalitie van Europese ondernemingen en verenigingen in het spoorgoederenvervoer, Rail Freight Forward, heeft de ambitie uitgesproken om de komende tien jaar tot 290 miljoen ton CO2-uitstoot door vervoer te besparen. De Nederlandse regering wil samen met de luchtvaartbranche zuiniger, schoner en stiller vliegen stimuleren.

Politiek-juridische ontwikkelingen

Het beleid van de Nederlandse overheid richt zich erg op duurzaamheid en het tegengaan van milieuvervuiling. Voor de luchtvaart is de verwachting dat de groei van Schiphol zal stagneren doordat er afspraken zijn gemaakt over het maximaal aantal vliegbewegingen en Schiphol deze al bijna heeft bereikt.

De komende jaren kan de “Brexit” voor de gehele Europese visserij een grote impact hebben, omdat mogelijk wordt besloten de Britse wateren alleen toegankelijk te maken voor Britse vissers. De Brexit kan ook grote gevolgen hebben voor de transportsector. Zeker bij een no-deal Brexit zal de wachttijd bij de grens toenemen door complexere douaneprocedures. 

Het Europees Parlement heeft begin 2018 toegestemd in een voorstel om de opleiding en training van vrachtwagenchauffeurs te verbeteren. De voorgestelde veranderingen hebben betrekking op de rij-opleiding, maar ook de Code95 trainingen. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat bereidt een wijziging voor om de Spoorwegwet te harmoniseren met de Machinistenrichtlijn.

Samenvatting sectorale trends:

Connected mobility

Door het toenemende gebruik van elektronica en communicatiesystemen in nieuwe voertuigen neemt de complexiteit van de voertuigen toe en verandert de inhoud van het vak van autotechnicus. Door diverse ontwikkelingen neemt het zelf diagnosticerend en herstellend vermogen van de systemen van de voertuigen toe. Auto’s beschikken over (vergaande) zelfdiagnose- TIPS systemen; de monteur komt er alleen aan te pas als het systeem faalt. Een technische helpdesk ondersteunt de monteur op afstand en kan de diagnose-apparatuur overnemen. Er is een afname van mechanisch onderhoud en een toename van elektronisch onderhoud. Meer elektronica zorgt voor complexere systemen en daarmee meer vraag naar hoger en breder geschoold personeel. Het werk van de medewerker op mbo-niveau vier wordt complexer, het gaat de kant op van de elektromonteurs. ICT-kennis wordt belangrijker dan sleutelvaardigheid. Ook vraagt het extra kennis van de verkoper om uitleg te kunnen geven over alle technische- en communicatiemogelijkheden van een voertuig. Ook in de trein, waar meer gebruik wordt gemaakt van sensoren, wordt de rol van ICT steeds belangrijker. 

De toenemende software en connected car toepassingen leveren veel voertuiginformatie en gebruikersdata op. Door deze gegevens te koppelen aan de onderhoudshistorie van het voertuig, is het mogelijk voorspellingen te doen over de onderhoudsbehoefte. Garagebedrijven moeten data kunnen uitlezen. Automonteurs moeten er storingen kunnen diagnosticeren en kunnen repareren aan elektrische / waterstofvoertuigen. Ook moeten monteurs communicatief zeer vaardig zijn om alle type klanten de connectivity mogelijkheden begrijpelijk uit te leggen.

Schepen intelligent maken begint met het aanbrengen van sensoren zodat ze hun omgeving kunnen waarnemen. Nederland is het eerste land waarbij op nationaal niveau het LoRa netwerk is uitgerold. 

Autonoom varen/rijden

Autonoom rijden betekent dat vaste onderhoudsbeurten niet meer nodig zijn. Diverse vormen van automatisch rijden en diensten die de rijtaak ondersteunen, zorgen voor meer verkeersveiligheid. Interessant is naast het automatisch rijden ook platooning. Echter vooralsnog is de verwachting van experts dat autonoom rijden alleen nog op bedrijfsterreinen plaats zal vinden en dat het niet zo’n vaart zal lopen. De Nederlandse infrastructuur is daar onvoldoende geschikt voor. Verwacht wordt dat het beroep van chauffeur (op termijn) door automatisch rijden en platooning een andere invulling krijgt: chauffeur wordt meer een ‘operator dan een bestuurder.

Bij autonoom varen is er straks minder bemanning nodig op het schip. Als een systeem deels zichzelf kan bemannen, dan heb je vooral het personeel aan wal nodig. Dit kan mogelijk een knelpunt worden: het sociale aspect is ook belangrijk bij een team. Er zal nooit in één keer sprake zijn van autonoom varen, de student moet daarom de technieken leren voor oude én nieuw systemen. Ook om autonoom varende vaartuigen te bouwen zijn nieuwe competenties nodig naast de oude competenties.

Ook de railbranche experimenteert met zelfrijdende treinen.

Geautomatiseerde processen en opslag

Robotisering gaat naar verwachting voor veel verandering zorgen binnen de logistiek door de inzet van robots in magazijnen, sorteercentra en bij bezorgen. Dit heeft effect op banen in opslag, orderpicking en laden en lossen in magazijnen. Toch is nog maar de vraag of bedrijven het hele warehouse binnen enkele jaren automatiseren. De grote variatie in klanten en producten waarmee gewerkt wordt bemoeilijkt dat. Het voordeel is dat de ruimte optimaler wordt benut, er zijn veel minder fouten en het bedrijf is minder afhankelijk van (bijvoorbeeld afwezigheid) van zijn personeel. Ook het werk van de logistiek planners gaat veranderen. Het werk wordt complexer en het is de vraag of dit werk nog wel geschikt is voor de mbo’er niveau drie en vier. Voor het werk van een logistiek planner is een helicopterview nodig. Wiskundige vaardigheden en ICT-vaardigheden worden daarnaast belangrijker om de techniek te kunnen doorgronden. Voor een functie van logistiek medewerker daarentegen kan het werk juist minder complex worden door technologische ontwikkelingen. Zo is met het Warehousemanagementsysteem (WMS) de voorraad makkelijker bij te houden. Door te scannen wordt het WMS direct geüpdatet en wordt gecontroleerd of de goederen op de goede plek zijn gezet.

Ook voor de maritieme branche is robotisering van invloed. Bij de haven van Rotterdam zijn twee terminals hypermodern. Maar voor de rest van de terminals (o.a. voor bulklading) blijven de functies nog traditioneel. De havenwerker van de geautomatiseerd terminal is meer de denker die meer proactief vooruitkijkt en goed kan plannen. Voor de jachtbouw wordt een omgekeerde trend van automatisering verwacht, waarbij naast nieuwe competenties de nadruk juist komt te liggen op competenties, waarbij traditioneel vakmanschap voorop staat.

In de luchtvaart moeten robots het bagage-afhandelingsproces in Rotterdam op het vlak van flexibiliteit, efficiëntie, kwaliteit en ergonomie verbeteren.

Duurzaamheid

In de mobiliteitsbranche worden de vermindering van CO2 uitstoot en het verbeteren van de luchtkwaliteit als belangrijke redenen opgegeven om elektrisch rijden in de komende twintig jaar verder te stimuleren. Steeds meer binnensteden weren (vervuilende) dieselauto’s en de verwachting is dat steden in de toekomst strengere regels gaan opstellen. De impact van de elektrische auto op aftersales zal groot zijn. Volledig elektrische voertuigen hebben 50% minder onderhoudsbehoefte. De innovatie van hybride, elektrisch of volledig elektrisch rijden stelt aan automonteurs en technici andere eisen. Zo heeft de technicus ervaring met het werken met technische apparatuur, service methodes, scan-tools en test- en diagnoseapparatuur​.

Bij emissieloos varen kan gedacht worden aan voortstuwing en high voltage. Een student moet een boot leren bedienen waarbij technieken als voortstuwing, high voltage en de verschillende brandstofsoorten van toepassing zijn.

In de branche logistiek zijn veel milieuvriendelijke initiatieven zoals milieuvriendelijke voertuigen om de pakketjes af te leveren (‘the last mile’). Ongeveer 60 procent van de logistieke kosten worden in de ‘last mile’ fase gemaakt. Op termijn zullen pakketjes naar verwachting zelfs autonoom worden thuisbezorgd door onbemande voertuigen zoals auto’s, drones en robotkarretjes. Er lijkt namelijk een steeds grotere behoefte aan snelle, maar kostenefficiënte bezorging.

In de rail ligt de focus op EZR (energie zuinig rijden) maar ook op hoe treinmaterieel energiezuinig kan worden geparkeerd.

Digitalisering

Digitalisering maakt het delen van data mogelijk en draagt eraan bij dat de keten transparanter wordt. De toegenomen ketentransparantie, in combinatie met de snel uitbreidende digitale mogelijkheden, biedt ook een ingang aan (tech-)startups. Het geeft nieuwe spelers een ingang tot het logistieke speelveld. Een deel van de waardeketen waar veel startups zich op richten is bijvoorbeeld facturatie en orderverwerking. De potentiële voordelen van het gebruiken en delen van data in de logistiek lijken groot. Systemen voor transport- en warehousemanagement genereren al heel veel data, net als boordcomputers in voertuigen. Logistieke bedrijven zetten deze data vooral in voor het meten van prestaties. Met de digitale vrachtbrief en de boardcomputer komt de chauffeur in een meer digitale omgeving te werken. Systemen als ITS (intelligent transport system), ADAS (advanced driver assistance systems) Blauwe golf verbindend, RIS COMEX (River Information Service – Corridor Management Execution) en ERTMS (European rail traffic management system) maken slim verkeersmanagement en daarmee het optimaal benutten van beschikbare capaciteit mogelijk. Vaar-, voer- en vliegtuigen bewegen ‘just in time’. De applicatie OnTrack combineert data over het vervoer per spoor naar het achterland van de verschillende partijen in de railketen en verrijkt deze met slimme algoritmes. Klanten zijn steeds beter geïnformeerd over hun order.

Deeleconomie, van bezit naar gebruik

Mensen besteden minder waarde aan bezit. Het gebruik van een auto is belangrijker geworden dan het bezit ervan. Bij de ontwikkeling van Mobility as a Service (MaaS) maken reizigers gebruik van mobiliteitsdiensten van een aanbieder, in plaats van eigen vervoer. MaaS draait om vraaggestuurde mobiliteit: vervoer wanneer je dat nodig hebt.

Als het ‘auto delen’ toeneemt, is een afname in verkoop van auto’s te verwachten. Maar de auto’s die er zijn maken wel meer kilometers dus een auto heeft vaker onderhoud nodig. Doordat mensen vooral leasen en minder zuinig met hun auto omgaan, ontstaan er veel cosmetische schades. De deeleconomie gaat uit van access-over-ownership, waarbij betalen naar gebruik de nieuwe standaard is geworden. De deeleconomie wordt ook in de branche logistiek toegepast op distributiecentra. Ook beschikbare transportruimte in vrachtwagens, treinen en schepen wordt gedeeld. Slimme organisaties bezitten niet meer zelf een compleet wagenpark, maar delen materieel en logistieke dienstverlening​.

Technologie faciliteert de deeleconomie enorm. Denk maar aan de technologie die nodig is voor car sharing: reserveringsystemen, lokalisering van voertuigen, openen/sluiten van voertuigen, OTA (over the air) onderhoud en updating van auto’s, afrekensystemensharing een grote impuls geven.

De veranderende klant

De klant verandert: zijn bestedingsgedrag, zijn voorkeuren, zijn veranderend beeld van een voertuig, mobiliteit, communicatie. Ze verwachten meer service en klantgerichtheid. Ook zijn ze directer in de communicatie en oriënteren ze zich vaker online. De planner heeft te maken met klanten die steeds stringentere eisen stellen aan de geleverde diensten. Ook is er in toenemende mate sprake van “last minute” vraag en minder regelmaat in de vraag. In diverse transportbedrijven is de functie “Customer Service” toegewezen aan aparte functionarissen, die in samenwerking met de planner zorgdragen voor het contact met de klanten.
Bij de aankoop van auto’s vindt er gemiddeld nog één showroombezoek plaats (dat waren er ooit twaalf). Dit vraagt om andere vaardigheden van werknemers. De verkoopadviseur moet bijvoorbeeld ook een onderhoudscontract kunnen afsluiten en een klant kunnen adviseren over reparatie of onderhoud. Dit vraagt om zowel een hoger opleidingsniveau op commercieel gebied, als om kennis op technisch gebied.

Globalisering

Het aandeel van Nederlandse vrachtauto’s in grensoverschrijdend vervoer daalde ten gunste van vrachtauto’s uit het buitenland de laatste jaren.  De kans is groot dat Nederlandse chauffeurs in de toekomst zelf meer binnenlandse ritten willen rijden, want op die manier kunnen ze het chauffeursberoep eenvoudiger combineren met een sociaal leven.
Het Nederlandse spoor wordt voorzien van het nieuwe spoorbeveiligingssysteem European Rail Traffic Management System (ERTMS). Het huidige spoorbeveiligingssysteem ATB wordt tussen nu en 2050 vervangen door dit nieuwe, digitale systeem. Het doel van het ERTMS is het bevorderen van grensoverschrijdend verkeer om obstakels weg te nemen voor grensoverschrijdende concurrentie, marktwerking en doelmatigheid van het spoorsysteem. Met ERTMS, dat zowel in het spoor als in de treinen wordt ingebouwd, ziet de machinist straks altijd in één oogopslag de benodigde informatie om zijn gewenste snelheid te kunnen bepalen.

Samenwerking in de keten

Grenzen tussen disciplines vervagen, werken in multidisciplinaire teams​ wordt belangrijker. Kleine garages krijgen het steeds moeilijker en moeten zich gaan specialiseren naar een bepaald merk en waar nodig samenwerken met andere partijen. Samenwerking met soortgenoten en andere “branchevreemde” partijen wordt belangrijker door de onvoorspelbare klantvraag​. En ook in de wereldwijde scheepsbouw is samenwerking cruciaal om overeind te blijven. Samenwerking tussen overheid, reders en toeleveranciers zal nodig zijn om de ambitie mogelijk te maken om met innovatieve oplossingen klaar te staan om schepen en techniek te leveren die aan de strengste eisen voldoen. In de transport en logistiek neemt de vraag naar hoger opgeleid logistiek personeel toe. Dit komt onder andere doordat producenten en toeleveranciers door de onvoorspelbare klantvraag gedwongen worden tot meer ketensamenwerking.